Op één van mijn laatste wandelingen, sijpelden enkele dwarrelgedachten binnen in mijn hersenpan. Gedachten die erom vroegen om neergepend te worden en zo de vorm kregen van een samenhangende tekst. Gedachten die een weg naar de buitenwereld vonden.
In het bos maakt het niet uit wie ik ben,
welke zaken ik bereikt heb, welk diploma of welke titels ik kan dragen.
Het maakt niet uit dat ik niet exact weet welke richting ik professioneel bewandel.
Het bos accepteert mij zoals ik kom.
Met de gedachten die op dat moment in mijn hoofd malen.
Met de sensaties die zich op dat moment in mijn lijf kenbaar maken.
Op pad kom ik tot de vaststelling dat nieuwsgierigheid en vertragen hand in hand gaan.
En vooral dat het minder draait om meer…
Meer activiteiten, meer voorwerpen, meer afleiding.
Want wat brengt de zoektocht naar meer,
buiten een onbewuste belemmering om te ontvangen,
te verwerken, je voldaan te voelen?
Dat het minder draait om groter…
Grotere prestaties, grotere uitdagingen.
Want wat is groot genoeg om je werkelijk waardig te voelen?
Dat het minder draait om beter…
Beter inzetten van die tijd, alles zo efficiënt mogelijk en liefst zonder fouten.
Want hoe kan je een prachtige bergtop bereiken als je geen valleien kan doorkruisen?
Waar het in het bos om draait is dat er in alle richtingen iets te ontdekken valt.
En er stap voor stap te zijn, te ademen,
te luisteren naar wat er leeft en
de stroom die zich op die plek, in die omgeving, in die context bevindt
door je lichaam te laten bewegen .

Plaats een reactie